Classic/ polyneon 60-40-30 of 12


Er bestaan verschillende samenstellingen van borduurgaren. Naargelang de toepassing is er een specifieke samenstelling.

De draaddikte speelt echter ook een enorme rol bij het borduren. Zo gaan we details borduren met een dun garen en een dunne naald.

Om grote oppervlakten te borduren winnen we dan weer veel steken door gebruik te maken van een dik garen en grove naalden.

Cijfere-indicatie na de draadkwaliteit staat voor de lengte draad die in een zeker gewicht zit. Een Classic 60 heeft dus een grotere lengte dan een Classic 12 in hetzeflde gewicht. Dit komt omdat Classic 60 veel fijner is dan Classic 12

Om details te borduren gaan we dus een Madeira Classic - Polyneon 60 gebruiken in combinatie met een naald 60. De naald dit best gebruikt wordt bij een bepaald garen staat aangeduid op de achterkant van de kleurenkaart (voor alle diktes van garen)

Als we een groot gebied moeten borduren, dan maken we gebruik van een garen met dikte 12. Dit garen is ongeveer 3 maal dikker dan een garen 40. Hierdoor moeten we minder steken zetten en winnen we dus veel tijd.

Let er wel op dat je de densiteit aanpast aan het garen dat je gebruikt